Eaglewatch: roofvogels en uilen
Roofvogels en uilen in de wereld:
Amerika Afrika Europa AziŽ OceaniŽ
Afbeeldingen
Valegier - Gyps Fulvus
Valegier - Gyps Fulvus
Valegier - Gyps Fulvus
Taxonomie:
   ORDE Falconiformes Index A-Z [Falconiformes]
    ONDER ORDE Accipitres
        FAMILIE Accipitidae
            ONDER FAMILIE Accipitrinae
Benaming:
Nederlands Valegier - Gyps Fulvus (Hablizl, 1783)
English Eurasian griffon FranÁais Vautour fauve Deutch Gšnsegeier
Italiano Grifone Svenska GŚsgam EspaŮol Buitre leonado
PortuguÍs Grifo-comum Polski Sęp płowy Dansk GŚsegrib
 
Rode lijst:
 
Populatie trend:
Populatie trend van deze soort is stabiel Populatie trend van deze soort is stabiel.
 
Ondersoorten:
Er zijn twee ondersoorten gemeld:
- Gyps fulvus
     Gyps fulvus fulvus
     Gyps fulvus fulvescens
- Gyps coprotheres
 
Afmetingen en gewichten:
Lengte : 97 - 104 cm
Spanwijdte : 240 - 280 cm (vrouwtje is niet groter dan het mannetje)
Gewicht : (M) 6500 - 8000 gram / (V) 6500 - 8000 gram
 
Kenmerken:
Gier die het meest talrijk in Europa voorkomt, groter dan de Zeearend. Verenkleed zeer licht zandkleurig bruin, met vrij lange witte hals, die tijdens de vlucht wordt ingetrokken, witte halskraag, vleugels en staart donkerbruin. Jongen donker met bruine kraag.
 
Vlucht:
Zoals alle grote gieren brengt ook de Vale gier, als van de thermiek afhankelijke zweefvlieger, grote delen van de hete dag door in hoge sferen. Zijn vliegbeeld is door de zeer lange en brede 'draagvlakken' met wijd gespreide handpennen en de zeer korte staart onmiskenbaar. De zwevende vogel ziet er van onderen gezien uit als een korte, brede plank in de lucht. Een versmalling van de overigens gelijkmatig brede vleugels is allen te zien op de plaats waar de armpennen overgaan in de handpennen. Tijdens het zweefvliegen worden de vleugels iets boven het horizontale geheven, de draagvlakken iets doorgebogen.
 
Verspreiding:
Zuidwest- en Zuid-Europa, oostwaarts tot MongoliŽ, West-Pakistan en Noord-IndiŽ. Zomergast in de Oostenrijkse Alpen (Hohe Tauern). Voorkomen
 
Habitat:
Overwegend bergbewoner, karstgebieden, wijde, open laagvlakten, hafwoestijnen.
 
Geluid:
Alleen bij aas te horen; vecht met sissende, kekkerende en kreunende geluiden om de beste stukken. Geluid
 
Voedsel:
Uitgesproken aaseter. Zijn voorkeur gaat uit naar de ingewanden, die hij, nadat hij de buikholte heeft geopend, verslindt. In periode van slecht weer, die zoekvluchten bemoeilijken of zelfs onmogelijk maken, kunnen Vale gieren dagen lang honger lijden.
 
Voortplanting:
Horst in holen en nissen in steile wanden in het gebergte. Balts en copulatie reeds in december. Broedtijd januari/februari. Grootte van het nest: een ei, broedduur 47-51 dagen, nestperiode jongen 110-115 dagen. Beide ouders broeden. De jonge vogel wordt na het uitvliegen nog geruime tijd gevoerd.
 
Overige:
Leeft in groepen. Zoeken in tegenstelling tot andere gieren met meerdere individuen hoog rondcirkelend hun territorium af naar voedsel. Bij het aas altijd in kleine groepen. Overnachten in steile rotswanden.
 
Ingezonden foto's:
©: Dierenfotografie - Mevr. Chantal Mazzei - 13 maart 2010, Berkel en Rodenrijs (NL)
NIKON D90 - 400 mm
Valegier - Gyps Fulvus Valegier - Gyps Fulvus