Eaglewatch: roofvogels en uilen
Roofvogels en uilen in de wereld:
Amerika Afrika Europa AziŽ OceaniŽ
Afbeeldingen
Bruine Slangenarend - Circaetus cinereus
Bruine Slangenarend - Circaetus cinereus
Bruine Slangenarend - Circaetus cinereus
Voorkomen Bruine Slangenarend - Circaetus cinereus
Taxonomie:
   ORDE Falconiformes Index A-Z [Falconiformes]
    ONDER ORDE Accipitres
        FAMILIE Accipitidae
            ONDER FAMILIE Accipitrinae
Benaming:
Nederlands Bruine Slangenarend - Circaetus cinereus (Vieillot, 1818)
English Brown snake eagle FranÁais CircaŤte brun Deutch Schlangenadler
Italiano Biancone cenerino Svenska Brun ormŲrn EspaŮol Culebrera SombrŪa
PortuguÍs Ńguia-cobreira-castanha Polski Gadozer brunatny Dansk Einfarb-Schlangenadler
 
Rode lijst:
 
Populatie trend:
Populatie trend van deze soort loopt terug Populatie trend van deze soort loopt terug.
 
Ondersoorten:
Circaetus cinereus heeft geen ondersoorten (monotypisch).
 
Afmetingen en gewichten:
Lengte : 75 cm
Spanwijdte : 164 cm
Gewicht : (M) circa 1500 - 2500 gram / (V) circa 1500 - 2500 gram
 
Kenmerken:
De vogel is 75 cm lang en weegt 1,54 tot 2,46 kg en de spanwijdte is 1,64 m. Deze slangenarend onderscheidt zich van een jonge Beaudouins slangenarend omdat hij meer rechtop zit en donkerder bruin gekleurd is. De slagpennen zijn van onder zilverwit en de dekveren zijn donker. Onvolwassen vogels zijn bleker gekleurd.
 
Vlucht:
-
 
Verspreiding:
Angola, Benin, Botswana, Burkina Faso, Burundi, Kameroen, Tsjaad, Kongo, Ivoorkust, Eritrea, EthiopiŽ, Gambia, Ghana, Guinee, Guinee-Bissau, Kenia, Liberia, Malawi, Mali, MauritaniŽ, Mozambique, NamibiŽ, Niger, Nigeria, Rwanda, Senegal, SiŽrra Leone, SomaliŽ, Zuid-Afrika, Soedan, Swaziland, Tanzania, Togo, Oeganda, Zambia, Zimbabwe.
 
Habitat:
Deze soort komt voor van Senegal en Gambia tot EthiopiŽ en zuidelijk tot Zuid-Afrika. Het leefgebied is savanne met wat bos. Savanne, struikgewas, bos, woestijn, grasland.
 
Geluid:
 
 
Voedsel:
De vogel jaagt op slangen, ook grote en giftige soorten, verder op grote hagedissen en zelden kleine zoogdieren of vogels.
 
Voortplanting:
Deze soort is solitair en een koppel wordt op elk moment van het jaar op dezelfde plaats gezien. Mannetjes doen bijna alle bekende territoriale weergavevluchten, die soms escaleren van typische stijgende vlinderachtige grillige vluchtbewegingen en, indien geŽscaleerd, tot in elkaar grijpende klauwen en cartwheeling. Het paren vindt plaats van november tot juli in het noordelijke deel van het verspreidingsgebied.
 
Overige:
-
 
Ingezonden foto's:
©: