Eaglewatch: roofvogels en uilen
Roofvogels en uilen in de wereld:
Amerika Afrika Europa Azië Oceanië
Afbeeldingen
Laplanduil - Strix Nebulosa
Laplanduil - Strix Nebulosa
Laplanduil - Strix Nebulosa
Voorkomen Laplanduil - Strix Nebulosa
Taxonomie:
   ORDE Strigiformes Strigiformes
    ONDER ORDE  
        FAMILIE Strigidae Strigidae
            ONDER FAMILIE  
Benaming:
Nederlands Laplanduil - Strix Nebulosa (Forster, 1772)
English Great gray Owl Français Chouette lapone Deutch Bartkauz
Italiano Allocco di Lapponia Svenska Lappuggla Español Cárabo Lapón
Português Coruja-lapónica Polski Puszczyk mszarny Dansk Lapugle
 
Rode lijst:
 
Populatie trend:
Populatie van deze soort is onbekend Populatie van deze soort is onbekend.
 
Ondersoorten:
Er zijn drie ondersoorten gemeld:
- Strix nebulosa nebulosa
- Strix nebulosa lapponica
     Strix nebulosa elisabethae
- Strix nebulosa barbata
 
Afmetingen en gewichten:
Lengte : 68 - 70 cm
Spanwijdte : ? cm
Gewicht : (M) 850 - 1150 gram / (V) 850 - 1150 gram
 
Kenmerken:
Ongeveer zo groot als de oehoe. Tamelijk lange staart, grote ronde kop met grote gezichtssluier met fijne concentrische ringen, witte sikkelvormige tekening tussen de snavel en ogen, zwart-witte kinvlek, geen oorpluimpjes. Grondkleur witachtig grijs, boven- en onderzijde donker bruinig grijs in de lengte gevlekt, bovenkant tevens nog fijn donker gespikkeld. Staart en vleugels donker grijsbruin met fijne dwars bandjes en spikkels. Snavel geel, nagels donkerbruin, ogen klein met lichtgele iris. Geslachten gelijk gekleurd, vrouwtje iets groter en zwaarder. Jonge vogels donker grijsbruin met witte dwars bandjes.
 
Vlucht:
Vliegbeeld met brede vleugels, lange staart, kort, zwaar lichaam en grote kop. Vliegt met langzame, ondiepe vleugelslagen.
 
Verspreiding:
Wit-Rusland, Canada, China, Finland, Kazachstan, Litouwen, Mongolië, Noorwegen, Russische Federatie, Zweden, Oekraïne, Verenigde Staten.

Regionaal uitgestorven: Letland.
Zwerver: Duitsland, Polen.
 
Habitat:
Dichte naaldwouden van taiga en gebergte, die veel open plekken, moerassen en kaalslagen hebben.
 
Geluid:
Bij verontrusting bij het nest krijsende geluiden; territoriumzang van het mannetje diepe, doffe 10-12 lettergrepige 'ho ho ho' geluiden. Bedelroep van de jongen 'tsjiep tsjiep'.
 
Voedsel:
Overwegend woelmuizen, lemmingen of eekhoorns, af en toe ook jonge sneeuwhazen of vogels tot de grootte van sneeuwhoenders.
 
Voortplanting:
Benut meestal nesten van andere (roof)vogels, maar ook uitgeholde boomstronken of een zelfgemaakte kuil in de grond. Broedtijd april - mei. Grootte van het nest 3-6 eieren, broedduur 28-30 dagen, nestperiode jongen 22-30 dagen. Vrouwtje broedt vanaf het eerste ei. In 'magere' jaren vervalt het broeden wel eens. In jaren met veel woelmuizen is de populatiedichtheid zeer groot en liggen de nesten soms maar een paar honderd meter van elkaar verwijderd. De jongen verlaten het nest al voor ze goed kunnen vliegen. Zij worden door beide ouders gevoerd tot ze zelfstandig zijn.
 
Overige:
Laplanduilen jagen meestal in de schemering, maar ook wel 's nachts en overdag. Ze jagen vanaf een lage verhoging, waar ze een goed uitzicht hebben. De prooi wordt zowel akoestisch als optisch opgespoord. In de regel zijn deze uilen trouw aan hun territorium; alleen in slechte woelmuisjaren, trekken ze naar het zuiden.
 
Ingezonden foto's:
©: Dierenfotografie - Mevr. Chantal Mazzei - 13 maart 2010, Berkel en Rodenrijs (NL)
NIKON D90 - 400 mm
Laplanduil - Strix Nebulosa Laplanduil - Strix Nebulosa