|
|
|
Roofvogels en uilen in de wereld:
|
|
|
|
Rode wouw - Milvus milvus (Linnaeus, 1758) |
Red kite |
Milan royal |
Rotmilan |
Nibbio reale |
Röd glada |
Milano real |
Milhafre-real |
Kania ruda |
Rød Glente |
Populatie trend van deze soort is onbekend. Voor Nederland loopt deze
terug. |
| Er zijn twee ondersoorten. Naast de nominaatvorm is er de kleinere en donkere Kaapverdische Rode Wouw,
Milvus Milvus fasciicauda, die waarschijnlijk ontstaan is door hybridisatie van Rode en Zwarte Wouwen. Van deze vorm zijn
recentelijk alleen nog maar in het uiterste noordwesten van de Kaapverdische Eilanden (Santo Antao) enkele exemplaren waargenomen.
Deze ondersoort wordt met uitsterven bedreigd. |
| Lengte : 60 - 73 cm |
| Spanwijdte : 154 - 170 cm |
| Gewicht : (M) 870 - 1190 gram / (V) 960 -
1390 gram |
| Groter en slanker dan de
Buizerd met veel langere vleugels en lange, diep gevorkte, roestrode staart.
Bovenzijde roodbruin, onderkant lichter roestrood met donkere streping. Kop lichtgrijs. Beide geslachten gelijk gekleurd. |
| De lange, diep gevorkte, roestrode staart is het beste kenmerk van de vliegende Rode Wouw. De diepe insnijding is altijd
te zien, zowel bij gesloten als bij gespreide staart. Vleugels lang en smal, meestal min of meer gehoekt, met opvallende lichte vlekken
op de onderkant van de vleugels. Staart wordt bij het sturen dikwijls zijwaarts gedraaid. Vliegt moeiteloos met elastische, sternachtige
lichte, diep doorslaande vleugelslagen, waartussen het lichaam op en neer deint. |
| Van de Canarische Eilanden en Marokko oostwaarts tot Wit-Rusland, de Oekraïne en Armenië. De wereldpopulatie bestaat uit
circa 12.000 paren. In Duitsland is een flinke populatie in een bosgebied bij Maagdenburg. In Engeland en Schotland werd deze wouw in de
negentiende eeuw uitgeroeid; een klein bestand van twaalf vogels werd voor Wales behouden. In 1989 werd zeventig vogels uit Zweden en
Spanje uitgezet in Groot-Brittannië. In Nederland broeden slechts enkele paren. |
| Loofbossen met oud geboomte, die afgewisseld worden door open plekken en flinke wateroppervlakken. Minder aan water gebonden
dan de
Zwarte Wouw. |
Als van
Buizerd, maar zachter, langgerekt 'hieeh' of 'pieie'. Tijdens de baltsvlucht een 'jammerende' triller.
 |
| Muizen, hamsters en andere kleine zoogdieren, vogels tot de grootte van een kip, dode vissen, hagedissen, hazelwormen,
kikker, sprinkhanen, kevers, rupsen. |
| Boomhorst met ondiepe nestkom, die met lorren, papier en ander afval wordt bekleed. Broedtijd midden april tot midden mei.
Grootte van het nest 3 (-4) eieren. Broedduur 28 - 30 dagen. Nestperiode jongen 45 - 50 dagen. Alleen vrouwtje broedt, verzorgd door het mannetje. |
| Uitgesproken jager op kleine dieren, die alleen grote prooien de baas kan, als deze in slechte toestand verkeren.
Op sommige plaatsen is deze wouw een parasiet bij andere roofvogels. |
| ©: Eaglewatch - 14 juli 2010, Vallon pont d'Arc, Frankrijk |
Konica Minolta Dynax
7D - Sigma APO 150-500 mm F5-6.3 DG OS HSM |
| ©: Dhr. Peter Dresselhuizen - 28 mei 2008, Duitsland |
Canon 40D - Canon 100-400 mm |
| ©: Eaglewatch 2002 - 24 maart 2008, Luxemburg |
Konica Minolta Dynax
7D - Sigma APO 100-300 mm |
|
|
|
|