|
|
|
Roofvogels en uilen in de wereld:
|
|
|
|
Cubaanse langsnavelwouw - Chondrohierax wilsonii (Cassin, 1847) |
Cuban Kite |
Milan de Cuba |
Kuba-Langschnabelweih |
? |
Kubansk kroknäbbsglada |
? |
? |
Hakodziób kubanski |
Cubapapegøjebaza |
Populatie trend van deze soort loopt terug. |
Chondrohierax wilsonii heeft geen ondersoorten (monotypisch).
|
| Lengte : 38 - 43 cm |
| Spanwijdte : ? cm |
| Gewicht : (M) circa - gram / (V) circa - gram |
| Gedrongen roofvogel met enorme gele
snavel. Mannetje aan de bovenzijde donkergrijs, grijze staart met drie
zwarte balken en bleke tip. Vrouwtje aan de bovenzijde bruin. In alle
gevallen heeft het verenkleed een kenmerkende ovale vorm. Een
vergelijkbare soort is de Breedvleugelbuizerd (Buteo platypterus), echter
deze heeft een kortere staart en zonder balk op de ondervleugels. De
Cubaanse langsnavelwouw (Chondrohierax wilsonii) was vroeger wijdverspreid
over Cuba, maar beperkt zich nu tot een heel klein gebied in het oosten
van het eiland tussen Moa en Baracoa, en mogelijk andere delen van Holguín
en Guantánamo provincies. Het is de zeldzaamste roofvogel van Cuba en
staat op de rand van uitsterven. |
| Het is nu beperkt tot bos. Historisch gezien bewoond deze
soort vegetatie en bergbossen. |
| Geen geluid gedocumenteerd. |
| Hij voedt zich voornamelijk met boom- en naaktslakken. |
| De daling is vooral toe te schrijven aan de vernietiging
van habitat en verandering veroorzaakt door houtkap en ontginning voor
landbouw. Boeren vervolgen deze soort, omdat ze (ten onrechte) denken dat
het aast op pluimvee. Oogsten heeft blijkbaar het aantal slakken
verminderd en daarmee de beschikbaarheid van voedsel. |
|
|
|
|