Eaglewatch: roofvogels en uilen
Roofvogels en uilen in de wereld:
Amerika Afrika Europa AziŽ OceaniŽ
Afbeeldingen
Australische Koekoekswouw - Aviceda subcristata
Australische Koekoekswouw - Aviceda subcristata
Taxonomie:
   ORDE Falconiformes Index A-Z [Falconiformes]
    ONDER ORDE Accipitres
        FAMILIE Accipitidae
            ONDER FAMILIE Accipitrinae
Benaming:
Nederlands Australische Koekoekswouw - Aviceda subcristata (Gould, 1838)
English Crested Hawk FranÁais Baza huppť Deutch Australische Schopfbussard
Italiano Baza crestato Svenska ? EspaŮol Baza Australiano
PortuguÍs ? Polski Czubak australijski Dansk GrŚfodet Baza
 
Rode lijst:
 
Populatie trend:
Populatie trend van deze soort is stabiel Populatie trend van deze soort is stabiel.
 
Ondersoorten:
Aviceda subcristata heeft 13 ondersoorten:
- Aviceda subcristata subcristata
     Aviceda subcristata njikena
- Aviceda subcristata timorlaoensis
- Aviceda subcristata pallida
- Aviceda subcristata reinwardtii
- Aviceda subcristata stresemanni
- Aviceda subcristata rufa
- Aviceda subcristata waigeuensis
- Aviceda subcristata obscura
- Aviceda subcristata stenozona
- Aviceda subcristata megala
- Aviceda subcristata coultasi
- Aviceda subcristata bismarckii
- Aviceda subcristata gurneyi
     Aviceda subcristata robusta
     Aviceda subcristata proxima
 
Afmetingen en gewichten:
Lengte : circa 40 cm
Spanwijdte : ? cm
Gewicht : (M) circa - gram / (V) circa - gram
 
Kenmerken:
Een middelgrote havikachtige met spitse kuif op het achterhoofd, een lichtgrijze kop en borst, een kaneelkleurige rug en brede bruine dwarsstrepen op de witte buik. De ondervleugel- en onderstaartdekveren zijn licht kaneelkleurig en steken af bij de witte buik en de zwarte en witte dwarstrepen. De ogen zijn geel, de washuid en snavel met twee tandachtige inkepingen aan beide kanten zijn zwart, de poten licht blauwgrijs. Beide geslachten ongeveer gelijk qua grootte.
 
Vlucht:
-
 
Verspreiding:
AustraliŽ, IndonesiŽ, Papoea-Nieuw-Guinea, de Salomonseilanden, Oost-Timor.
 
Habitat:
Heeft een voorkeur voor bossen en bosranden.
 
Geluid:
De roep is een tweetonig gefluit.
 
Voedsel:
Insecten en kleine gewervelde dieren, vooral boomkikkers en wandelende takken; ook vijgen en andere plantendelen.
 
Voortplanting:
Broedt in de vroege zomer na een balts met veel tuimelend vluchtvertoon. Legt gewoonlijk twee tot drie witte eieren in een vlak takkennest op een horizontale boomvertakking. Het uitbroedden duurt 33 dagen, waarna de jongen zich nog 33 - 35 dagen verder ontwikkelen in het nest. Beide geslachten bouwen het nest, broeden en voeren de jongen, maar het mannetje vangt het merendeel de prooi en brengt dit naar het wijfje en de jongen.
 
Overige:
-
 
Ingezonden foto's:
©: